2014 Frankrijk en Spanje

De eerste dagen

De wind giert om ons tijdelijke huis. Hij loeit als een lieve lust. Een geluid dat past bij een herfststorm. Maar …. gelukkig niets is minder waar. We hebben hier in de Spaanse Pyreneeën fantastisch weer. De wind komt uit het noorden, over de bergen heen en stijgt op met een geweldige vaart. Prachtige luchten en mooie wolken partijen zijn het gevolg. De temperatuur is vandaag rond de 25 graden. De eerste dagen was dat ruim 30.
Inmiddels zijn we toch al weer drie dagen onderweg. Twee echte reisdagen, dwars door Frankrijk. De eerste dag met veel file[leed]. wat een ellende. Totaal hebben we toch wel vier a vijf uur stil gestaan en langzaam gereden. Ook rond Parijs was het een hele lange rij. Zelfs Route National was druk, wat ook wel weer te begrijpen is, want de toltarieven zijn niet mals, zeker niet voor het vrachtverkeer.
Maar ….. na twee dagen rijden, zijn we toch ruim 1300 kilometer zuidelijker. We hebben vandaag genoten van een geweldige rust die hier heerst. Soms één auto in het uur, en heerlijk rustige plaatsjes.
We zijn vrijdag de 13 juni in Aragón, om precies te zijn in Aisa, aangekomen.

006-SAM_1912 (Large)

Een piepklein dorpje, midden in de bergen. Aan de noordkant nog het zicht op de besneeuwde bergtoppen van de Bisaurin, [2670 m].007-SAM_2044 (Large)

Er zijn twee Hostals, of te wel kleine hotelletjes, waar we het weekend verblijven. De eigenaar, heeft zelf in de “bollen “gewerkt, zo’n 25 jaar geleden en heeft daar wat verdient om met zijn familie nu een hotel te drijven.

Hij verteld ons alles van de omgeving en wijst de mooiste plekjes aan op de kaart die we niet mogen missen.
Vandaag hebben we dan ook Hecho, Siresa, Ansó en Santa Engracia de Jaca bezocht. De laatste, met de fraaiste naam, mag je woon weer vergeten, maar de eerste zijn zeker leuk om te bezoeken. Veel Romaanse gebouwen, gelegen op een heuvel of tegen de bergwand aan, met prachtige straatjes en fotogenieke pleintjes.

138-IMGP7776 (Large)In Siresa, staat een prachtige kloosterkerk uit het jaar 833. Dat is best oud, ze zijn er dan ook erg trots op. Er staan allerlei voorwerpen in die heel bijzonder moeten zijn. Gelukkig hebben wij er niet te veel kaas van gegeten, maar iedereen praat er over. Deze monasterio De San Pedro de Siresa hebben we dan ook met een bezoek vereert. De ramen waren niet van glas maar doorzichtige steen, een dunne marmersoort, apart.
De wegen in deze streek zijn heel divers, van smal, bijna onverhard, stijl tot keurig geasfalteerde wegen. Gelukkig hebben ze allemaal een wegnummer, ware het niet dat die allemaal zijn veranderd, de laatste jaren. Tomdom heeft nog de minste moeilijkheden. Alle kaarten, ook in ons mooie boek van Michelin, zijn oud en lopen achter.
Vanavond gaan we genieten van de kookkunst van de kok ter plaatse. Wat het resultaat daarvan is, kunnen jullie mogelijk later lezen. Het ontbijt is in ieder geval zeer eenvoudig, niet veel anders dan dat we in Frankrijk mee hebben gemaakt. De variatie zat er deze keer in het het stokbrood was verwisseld door geroosterd brood. Maar goed, ieder land en streek heeft zijn gewoonten. Onze ex-bollenteler er toch nog maar eens over aanspreken. Jammer dat hij het Nederlands is verleerd …

De eerste week
Het is maandag en weer stil geworden in ons verblijf. We ontbijten weer als enige in het hostal. Er is ook een groep bestaande uit zeker zes gezinnen en heeeel veel kinderen, het weekend te gast geweest. Zij zijn inmiddels vertrokken.
Wel gezellig, maar ze waren duidelijk aanwezig.

Zoals al eerder gezegd is het ontbijt somber. Het bestaat veelal uit een glas sap, een kop koffie of thee en een geroosterde boterham. Het beleg heeft de variatie uit jam, jam en margarine.
Vaak wordt de koffie gebruikt om de geroosterde boterham in de te dopen, maar er zijn ook wat andere “brokken” die in de melk worden gegeten. Overigens prima om van te blijven leven…, maar na een paar keer mag het ook wel wat anders zijn. Elk land of streek heeft hierin zijn eigen gewoonten.

Vanmorgen is spontaan besloten niet naar het zuidwesten te gaan. Segovia stond op de planning als reisdoel om van daaruit naar het zuiden en daarna naar Portugal te reizen. Het nieuwe reisdoel wordt nu de Middellandsezeekust, ergens tussen Barcelona en Valencia in.

093-SAM_2040 (Large)Het is een mooi gebied om door te rijden. Veel kastelen boven op de kale heuvels. Kleine dorpjes, met een middeleeuwse look. Leuk om zo af en toe even af te slaan en doorheen te lopen. Het lijkt soms wel of alles slaapt of mogelijk niet eens bewoond is. Je ziet er niemand, wel staat er soms een auto, waarvan het merk en type alleen nog in de brochures van rond 1960 is terug te vinden.
Langs de weg staat een aanwijzing dat er een monument is te zien. Dus slaan wij gelijk af en rijden zo een dorpje in. In zo’n dorp vindt je in ieder geval geen nieuwe aanwijzingen meer. Het gaat in 99% van de gevallen om een zeer oude Kerk, van de 12e tot 18e eeuw. Velen zijn verwoest. De Spaanse burgeroorlog is er vaak debet aan, maar ook vroegere heersers hebben er een zooitje van gemaakt. Het lijkt er op dat er daarna niets meer is gebeurd. De tijd is stil blijven staan, zo lijkt het.

We komen langzamerhand wat meer naar de kust. Het landschap veranderd, we zien steeds meer olijven en wijngaarden waar we doorheen toeren. Het wordt ook aanzienlijk drukker op de wegen. Veel snelwegen, met en zonder tol. We arriveren uiteindelijk in Cambrils, zo’n 10 km ten zuiden van Salou.

Salou is een plaats met een minder fraai toeristisch verleden met nogal erg negatieve recensies over uitspattingen en gedragingen van met name Nederlanders. In de actualiteitenprogramma’s is daar nogal wat over te doen geweest. Hier in Cambrils is daar nu in het geheel [nog] niets van te merken. Daarbij realiseren we ons, dat het nog vóór het hoofdseizoen is. Dat begint hier pas de eerste week van juli. Maar dit verhaal is geschreven op 20 juni jl.

Het “oude” centrum van Cambrils ligt er nog stil en verlaten bij als wij er doorlopen. Ongeveer een kwartiertje vanaf onze camping La Llosa. Smalle straatjes om zoveel mogelijk schaduw te hebben. Huizen met dikke muren, weinig rammen en alles is dicht. Het ziet er dus stilletjes uit. Doe je een deur opent en wat verder kijkt, zie je wel gezelligheid en warmte. Natuurlijk zijn de huizen hier anders ingericht, maar je kan je verbazen over de leuke en sfeervolle inrichting achter de saaie grouwe muren…

Er zijn weinig of geen winkels en zelfs een kroeg kom je er nauwelijks tegen. Hiervoor moet je toch richting het strand. Daar ligt een mooie wandelboulevard, een mooi doorgaand fietspad. Een oude haven met vissersscheepjes en visafslag ontbreekt niet en natuurlijk ook de jachten, zeilschepen enz.
Er zijn mooie stranden, goed toegankelijk en schoon. We wandelen vanuit het “nieuwe” centrum, waar je wel van alles kan vinden, mbt eten en drinken, weer terug naar de camping. Deze ligt op zo’n vijftig meter van zee en je kan er gemakkelijk naar toelopen.
De stranden zijn rustig en de temperatuur van het water is prima. Je kan net even goed afkoelen …

Vandaag is het de 21 juni, veelal is de zomer nu officieel begonnen. Maar niet in Catelonië. Daar begint de echte zomer op San Joan en dat is de 23e van deze maand. Uit de verhalen die rond gaan is dat een soort van regionale, Cetelaanse feestdag, met veel eten en drinken en die wordt afgesloten met vuurwerk en muziek. Dat is natuurlijk prima, ware het niet dat erg veel spanjaarden er gelijk maar een extra lang weekend van maken. Zo gezegd, zo gedaan.
Dat heeft zo zijn effecten op de camping. Er is geen gaatje meer vrij. Alles staat vol, we zitten gelijk helemaal opgesloten, klem tussen het Spaanse geweld. Wat zijn die druk, en ik dacht nog wel eens druk te zijn ….
Dan gooien we er een WK-sausje overheen en het spektakel is compleet. We ondergaan dit gewoon als soepele, meegaande Nederlanders. Er is gewoon lekker leven in de brouwerij. Vanavond hebben we in ieder geval hier zelf ook disco …

Nu gaan we er mee stoppen, tot een volgende keer. Mogelijk dat alles in één keer geplaatst wordt, maar dat komt om dat het internet hier niet soepel werkt. We doen het dus voorlopig gewoon zonder.
Een hartelijke groet.

Cambrils.

Het weer is hier een beetje van slag. Dat horen we wel meer als wij ergens komen. Tot en met vandaag heeft de tent nog maar twee keer onder water gestaan in één week. Niet helemaal natuurlijk, maar reden genoeg om alles op de tafel en stoelen te plaatsen en de tassen, met inhoud te drogen. Tijdens de eerste onweersbui, van een paar uur, zijn we toch maar even in de auto gaan zitten, dat leek ons iets veiliger. Bij de tweede bui van een uurtje of zes hebben we het dijkleger ingezet en dijken gebouwd en verstevigd. Rivieren zijn gegraven, stromen zijn omgelegd en bovenstrooms zijn maatregelen genomen om de overlast in de delta te verminderen. De overstroomgebieden hebben goed gefunctioneerd. Maar alles is weer droog, dat is dan wel weer een voordeeltje van een warm gebied. De temperaturen liggen zo tussen de 28 en 30 graden, best lekker.

San Joan op 23 juni, was wel een aparte gebeurtenis. Pas in de namiddag waren er activiteiten waarneembaar. Overal worden tafels en stoelen bijeen gezet. Mensen in buurten eten en drinken samen op straat en vanaf af een uur of tien is eigenlijk iedereen uit de buurt verzameld op de boulevard en het strand. Overal wordt niet georganiseerd, vuurwerk afgestoken, door vaders en de kinderen. Het was een zeldzaamheid dat we een moeder actief met vuurwerk hebben gezien. Vaders met hun kinderen tot zeker een uurtje of twee in de nacht hard aan het werk. Zakken vol en gooien maar waar je het kwijt wil. Soms wel erg oppassen, maar goed, je weet waar je aan begint als je daar ook bent. We hebben in het stadje nog nooit zoveel politie gezien. Wat wij er van gezien hebben is het rustig, maar niet stil verlopen ha ha. Hett was een leuke, drukke dag. De zomer is begonnen. De dag erna is het gaan regenen, maar daar heb ik al wat over geschreven. Een mooi moment om ook het stand weer schoon te maken, want dat was wel nodig …

Zo’n 50 km ten zuiden van Cambrils ligt de Ebrodelta.

 

Een gebied wat voor de verbouw van rijst wordt gebruikt. De omvang is al gauw 70 km2 en is tevens een prachtig natuurreservaat. Vandaag, de 25e juni hebben we weer diverse vogels gespot, de namen zal ik je onthouden, want die hebben we dan uit een boekje.

We hebben er heerlijk gewandeld langs het strand in op de landtong tot de Punta de la Banya. Hier hebben we nog flamingo’s kunnen bekijken. Er is hier ook een enorme zoutwinning uit basins.
We dachten wel “even” dit gebied te bekijken, maar een dag ben je zo bezig, blijkt. Reden om het berggebied in het achterland op een later moment te bezoeken.

Het achterland

In de reisgidsen kom je dit gebied niet echt tegen als toeristische attractie. Alleen Tortosa staat er in vermeld met de oude Moorse burcht. Inmiddels is daar niet veel meer van te zien. Tortosa is de plaats waar onze rondrit eindigt. Een drukkere stad, waarin alleen nog een klein deel echt oud is. De plaats heeft tijdens de Spaanse burgeroorlog zwaar geleden. Er zijn hier de zwaarste veldslagen gevoerd van die burgeroorlog 1938-1939. Bij gelegenheid eens wat meer over teruglezen, zolang is dat nog weer niet geleden.
Vanuit Cambrils zijn we de bergen in gereden. Via Duesaigües, naar Porrera en daarna Garcia, Vinebre naar Gandesa en dan richting Tortosa. In de plaats Jesus, slaan we rechtsaf en zoeken we een klein weggetje wat zou moeten leiden tot het beklimmen van de Caro in het National Park El Port.

 

322-SAM_2385 (Large)Vandaag hebben we een schitterend landschap gezien wat we wel echt typisch Spaans mogen noemen. Heuvels, lage bergen, vol met prachtige heel oude olijfbomen. Afgewisseld met sinaasappelplantages. Het landschap, soms dor en droog, dan weer groen, bergen van rotsen en zandsteen formaties. Af en toe een bergketen, dan weer lijkt het een landschap wat gevormd is door zand, alsof je van uit je hand op een hoopje zand met een mooie punt laat vallen. De ene hoger dan de andere. Allemaal ongelijk van hoogte en vol met dadels, noten, olijven en vruchten.

Je rijdt al slingerend door het landschap. Heel af en toe passer je een tegenligger. Een heerlijke rust in een landschap waar je zomaar doorheen zoeft. Gelukkig is lagering van de achteras en de lagering van de 4W aandrijfas toch nog hersteld net voor de vacantie begon. Het had anders toch een moeilijke zaak geworden, denk ik. Het geeft in ieder geval een gerust gevoel..

Het laatste stukje van de route hebben we uiteindelijk wel gevonden. We rijden bijna een uur naar de top van de berg Een top op 1447 meter hoog. We komen onderweg één auto tegen. Het is hier stil. Je hoort alleen de wind huilen. Onderweg zien we een paar berggeiten die verwonderd kijken als we een foto van ze maken. Als we denken dat we er zijn, de temperatuur is inmiddels van 30 naar 18 graden terug gezakt, komen we in een klein plaatsje, enkele huizen en een restaurant [helaas gesloten]. Daarna is er toch nog een laatste klim, de weg wordt smaller, gaten in het asfalt en aardig stijl. Inmiddels zijn we ook in de wolken … die gevormd worden door zeer snel opstijgende vochtige lucht. Soms komt de zon er doorheen en soms zie je geen hand voor ogen. Wel bijzonder om te zien.

Boven aangekomen staan er twee enorme zendmasten, waar bijna geen sprietje of schoteltje meer op geplaatst kan worden zo vol is die gebouwd. De gehele weg, heeft zijn bestaansrecht van de twee zendmasten, anders was hier zeker geen wel aangelegd in dit niemandsland.
Uiteindelijk beneden aangekomen, rijden we via Tortosa naar Cambrils, niet spectaculairs meer over te vermelden. Maandag verrekken we hier. De eindbestemmingen variëren van Almeria, Granada, Rondo tot Lunel en Millau. Het is nog geen maandag, er kan nog van alles wijzigen, dat hebben we de laatste twee weken gezien.
Groet vanuit een wisselend bewolkt Spanje, met een gemiddelde temperatuur van zo 30 graden in de middag.

Lunel

De zondag is een echte rustdag. Lezen, wandelen en een bezoek aan het strand. Er staan hoge golven. Niet zoals je aan de Atlantische kust mag verwachten, maar voor de Middellandse zee best hoog. De wind is eveneens straf. Een bekend fenomeen in deze streek, die zoals de kenner weten, meestal zo’n 3 dagen aanhoudt. Een beetje naar was, dat de temperatuur van het water ook gelijk 5 graden naar beneden is gegaan.

387-SAM_2542 (Large)

Typisch bij een sterke wind vanuit het land naar de zee. Wij vertrekken op maandag. Een korte studie geeft aan dat een tocht naar het zuiden en via west en midden Spanje terug, niet meer haalbaar is gezien de beschikbare tijd. Geen nood natuurlijk, we besluiten om via Zuid-Frankrijk terug te gaan, of anders gezegd verder te reizen naar het noord-oosten. Een weekje rondhangen in de omgeving van Montpellier, Nimes, Camarqe, Sete. Dat lijkt ons geen straf. We zijn dus later op de maandag in Lunel aangekomen. De camping is sterk verbeterd sinds we daar zo’n 4 jaar geleden ook zijn geweest. De plaatsen zijn ruim, geven voldoende schaduw en er is een zeer fraai zwembad. Wat wij gaan doen is nog niet bedacht. Het gaat zeker goed komen. Een groet uit het zonnige zuiden.

Camarque

We hebben helaas wat patent op regen. De eerste dag in Lunel is gestart met zon, maar vanaf de middag kwam de eerste bewolking en wind vanuit het zuiden, het land binnen schuiven. In de avond en nacht gevolgd door onweer en regen. Gelukkig geen grote hoeveelheden. Omdat we de ingang van de tent aan drie kanten kunnen maken konden we droog zitten en koken. Met een paar glaasjes van het rode vocht wat deze streek hier voortbrengt, gaat de zon weer schijnen.
De nieuwe morgen geeft nieuwe kansen. Eert bewolking en later komt de zon volop aan bod. Zo’n 30 graden blijft heel aangenaam, zeker tijdens de vakantie.
353-SAM_2485 (Large)De Camargue is een mooi gebied, wel jammer dat veel gebieden op een natuurlijke manier worden afgeschermd door een hoge rietkraag wat je het zicht op het daarachter liggende gebied geheel ontneemt. Er liggen uitgebreide rijstvelden. We rijden door tot het plage Piémanson. Een groot strand, net voorbij de zoutwinningsvelden van Salin Geraud, aan de zuidkant van de Camarque. 20 km ten zuiden van Port St. Louis, aan de monding van de Rhone. Hier is het vrij kamperen. Je mag er dan ook rijden met auto’s campers, caravans enz enz. Ruimte genoeg. Daar staat dan ook van alles, maar je moet wel alle elementen kunnen weerstaan. Het is een heel open en vrij strand. Velen hebben er dan ook een echte vesting van gemaakt want er staat vaak een harde wind en heerlijk pal onder de zon. Veel mensen staan daar vele maanden van het jaar. Een apart deel is bestemd voor de naturisten en dat is wel heel erg duidelijk aangegeven ….. overigens ook een heel erg druk bezet stuk strand.

We rijden van daaruit naar St Marie de la Mer. Een echt toeristenstadje, met vele terrasjes en winkeltjes. Er is veel leeg, te vroeg nog in het seizoen denk ik. Het is er nog super rustig. In de omgeving nog de nodige flamingo’s gespot. Prachtig om die te zien vliegen in hun mooie rose/oranje/zwarte kleuren in de vleugels.
Bij terugkeer in Lunel gezocht naar een restaurantje. We hebben er met moeite één gevonden!!! Barretjes zijn wel open , maar ook in Lunel is het [nog] erg rustig. We lezen hier zojuist dat er één open is van 7/7. Die gaat wel erg vroeg weer dicht, dat is dan wel weer jammer. In Spanje moesten we er aan wennen dat je s’avond pas om 21.00 uur gaat eten, dit is ook een uiterste.

Het zal straks, als de vakantievierders uit het noorden komen, wel veranderen, of niet…

Het Schelpenstrand

Nog steeds genieten we van het “niets” doen. Ongetwijfeld een reactie op een heel andere werkelijkheid die ook bestaat. We genieten er van en inmiddels zijn we ruim 3 weken verder. We zijn naar het “schelpenstrand” geweest. Een benaming die je niet op welke kaart niet tegen zult komen. Vanaf nu kunnen alle kaarten hierop worden aangepast. Het gaat om het strand tussen Frontigan en Maguelone, zo’n 10 km ten oosten van Sète. Lang geleden, 30 jaar? kwamen we hier voor het eerst. Er kwam nog nauwelijks iemand, onontgonnen, een strekdam en een een klein strandje en parkeren op het duin. Maar er waren mooie schelpen te vinden …! Ik heb daar ook veel gesnorkeld. Telkens als we in deze omgeving komen gaan we er een keertje heen. En steeds weer zie er een ontwikkeling. Het wordt drukker, het strand is groter geworden, er staan paviljoens en er is parkeerplaats voor wel duizend auto’s. De toegang is netjes aangegeven, alleen het bruggetje over het Sète-Rhone canal is nog steeds één rijbaan, maar nu wel met verkeerslichten geregeld.
Kortom er is dus best wel eea veranderd en dat is maar goed ook.

Vandaag is het zondag, een dag om het nog rustiger aan te doen. Morgen hopen we in te pakken en naar Millau te gaan. Van daaruit zijn er plaatsen die we zeker gaan bekijken. Maar … daarover natuurlijk later meer. De temperatuur is nu heerlijk, we staan gelukkig op een schaduwrijke plaats, maar in de volle wind. Reden dat we zo’n drie keer op een dag de opening van de tent veranderen, anders blaast de wind direct binnen. En de wind is sterk! Alles scheerlijnen zijn gespannen en stevig vastgemaakt.

Toen het later op de middag droog werd zijn we nog een rondje wezen rijden en hebben deze dag afgesloten in Aigues Mortes. Bij de rondwandeling door deze ommuurde stad, liepen we een fraai kerkje in, waar een koor juist zo starten met een optreden. Daar zijn we toch even blijven hangen. Prachtig in één woord. zonder één instrument, alleen vocaal, van Barok tot Gospel en populair. We zaten op zo’n heerlijk ongemakkelijk houten bankje, maar zitten blijven was geen straf. De dag vanwege de grotere hoeveelheid neerslag maar afgesloten in een restaurantje op het centrale plein in Aigues Mortes.

427-SAM_2616 (Large)Overigens kwam het koor uit Aimarques, dus vanuit de directe omgeving. Thuis toch nog eens even google’n.

Inmiddels is het droog geworden en kunnen we de tent ook droog inpakken. We rijden nu, op de dinsdag, naar het noorden. Via Sommiéres, Ganges, la Vigan, over de col du Minier, door het nationaal parc des Cevennes, naar Millau.
Boven op de col du Minier werd het donker en begon het opnieuw te regenen, de temperatuur zakte naar 10 graden, een grote overgang, want we vertrokken vanmorgen met 25 graden.
Gelukkig was het deze keer maar een stevige bui, maar het is wel wennen met deze lager temperatuur. Overdag zo’n 19 graden brr.

466-IMGP8239 (Large)Millau

Millau ligt langs de rivier de Tarn. Na een aantal uren rondgetoerd te hebben, zijn we op 8 juli neergestreken op een camping in Millau. Eerst was er het plan om al op maandag te vertrekken vanuit Lunel, maar je stuurde je beste vriend op maandag nog niet naar buiten. Rond een uur op zeven in de morgen begon en het te regenen en dat is niet meer gestopt voor ’s middags een uur of twee. Het was één grote modderpoel. We waren al blij dat niemand ons plekje kwam claimen, want we zouden vertrekken en …. het werd steeds voller. Maar niemand waagde zich buiten.

Een werkelijk prachtig landschap, waarin een deel van het land, heel lang geleden, omhoog is gekomen. Er bevinden zich ook enkele hele mooie grotten in de dit gebied.
Eerst de camping vinden, tent opzetten. Dat het lang geleden is dat we hier geweest zijn, blijkt wel uit het feit dat de huidige campingnaam zo’n 20 jaar geleden is veranderd van naam en eigenaar en wij nog steeds op zoek waren naar die oude naam … en dus een niet meer bestaande camping. Er zijn maar weinig dingen die worden herinnerd …

Groeten allemaal. Vandaag ga ik proberen wat te uploaden, mits reismee.nl weer operationeel is. Volgens zeggen moet er voorin bij de receptie WiFi zijn … en zo niet ….. dan toch waarschijnlijk pas thuis. Overigens heb ik helemaal geen uitdagende, stimulerende of minder fraaie reacties ontvangen, dus zal het allemaal wel mee vallen.

De Georges

Millau ligt langs de rivier de Tarn. De Dourbie komt bij Millau in de Tarn. Op elke camping wordt voor een snelle stijging van de watrstand gewaarschuwd. Extreme regenval kan zeker overstroming veroorzaken. Ondanks de regen die er is gevallen hebben wij hier geen last van gehad.
Het is van de drie dagen dat we in Millau waren, is er één dag dat we de zon niet gezien hebben. Alle dagen heeft het hard gewaaid en de temperatuur is in het dal zo’n 18 graden, boven op het plateau zo’n 15 a 16 graden. Iedereen is van slag, dit is extreem, dit is nog nooit voorgekomen, in juli zulk slecht weer.
Maar, …. er zijn wel twee dagen met fraaie wolken partijen geweest. Geweldig voor het maken van foto’s, want tja … die heldere blauwe luchting zijn maar saai.

Twee dagen hebben de Causse Larzac, Noir en Mejean doorkruist. Prachtige vlakten, smalle wegen, kloven, ravijnen en rivieren en ook dorpjes die aangekleefd zijn tegen de bergen of op een top van een heuvel.

539-IMGP8410 (Large)
Als je éénmaal vanuit het dal waar de rivier door stroomt naar boven bent gereden, kom je op een enorme vlakte, die meestal licht glooiend is. Schaapskudden, oude kerken, en heel veel grotten kan je hier zien.
Opvallend is dat je bijna nergens van de weg af het land in kan lopen, alles is afgezet met schrikdraad. Ik kan me nog wel van jaren terug, herinneren dat je dan zomaar in een grot kon vallen. Nier gemarkeerd, gewoon een groot en diep gat in de aarde. Wel gevaarlijk dus.

De Gorges zijn indrukwekkend. Smalle wegen, overhangende rotsen. oppassen met rijden met hoogte …De Gorge du Tarn is wel de mooiste. In Le Truel is een tentoonstelling te vinden die duidelijk maken hoe en waarom er hier gieren zijn te vinden. Dat kan je overal in lezen, maar het leukste is om ze ook te zien. Boven de kalkplateaus zweven er velen. We hebben er zwermen zien rondzweven. Enorme grote vogels. Er zijn drie soorten gieren die je hier kan zien, elk met hun eigen voedingsvoorkeur. De vale gier eet zacht weefsel, spieren en darmen. De monniksgier heeft de voorkeur voor hard weefsel, pezen, kraakbeen en huid. En tenslotte eet de aasgier alle restanten op met zijn smalle snavel.

Gelukkig eten ze allen alleen maar dood vlees. Ze leven bijna geheel van de schapenteelt in de Grands Sausses.

De schapen in een groot zuidelijk deel van Frankrijk leveren de melk voor de bekende Roquefort kaas. De kaas wordt gemaakt in een gebied wat is afgebakend in de stad, gelegen op en tegen de rotsen. De kaas wordt gemaakt en gerijpt in de grotten van het stadje en dat gebied is niet groter dan 300 x 600 meter. Heel bijzonder is de eigen productie van de bacterie die nodig is om de blauwe kaas te krijgen die de speciale smaak geeft aan de deze kaas. Dat gebeurd door grote broden te bakken en die ruim 45 dagen in de grotten op te slaan, de kost van het brood te halen en te raspen en vermalen. De stof die daarbij vrijkomt wordt gebruikt voor de kaasproductue.

We bezoeken de grote kaasmakerij van Papillon en krijgen een rondleiding met uitleg. De kaas die we daar [natuurlijk] kochten, heeft de volgende dag niet gehaald. Er zou nog veel meer te schrijven zijn over dit gebied. 601-IMGP8588 (Large)Wij vertrekken in ieder gavel op de zaterdag om weer wat naar het noorden te rijden. We gaan naar Autun, 50km ten westen van Beaune, in Bourgogne. De dag verloopt met veel bewolking en wat buien. Ook hier komt de temperatuur niet boven de 18 graden. Maar daarover later meer.

Autun

Als het regent ziet de wereld er soms wat troosteloos uit. Dat was ook op de dag dat wij lopend vanaf de camping zo om het half uur verrast werden door een bui en er niemand anders zich op straat wilde begeven dan wij, vakantiegangers die toch wat wilde ondernemen.
We hebben een paar uur door de stad gelopen, maar zijn weer afgedropen naar de tent. Alles was dicht en het centrum was niet echt een centrum.
Maar je ziet ook dat je je kan vergissen.

697-IMGP8820 (Large)Toen we de dag er na met de auto een rondje gingen rijden kwamen we nog in een ander gedeelte van de stad en was er ook veel meer leven in de brouwerij. We hebben toen ook nog een zeer fraaie kerk bezocht en de gehele dag allerlei mooie gebouwen en natuur in de omgeving bewonderd. Landschappen die veel meer op de Engelse landschappen lijken. Hagen en struiken, met kleine bomen als erfafscheiding en een prachtig gooiend landschap, met mooie wolkenluchten.

Leuke, kleine dorpjes, al weer minder Romaans dan in het zuiden.

Een mooi gebied! Tot een volgende keer.

Advertenties