2016 Puszta en Hortobadgy

Ongeveer 15 km verder is nog een camperplaats, we gaan gewoon op zoek. We zijn in de omgeving van Szolnok. Ook hier wordt uiteindelijk de weg steeds smaller, maar is nog wel verhard. Na ruim 15 km met hobbels en kuilen moeten we opnieuw een zandpad in. Hier is de afstand maar een paar honderd meter en dus …gaan met die Ducato. Heel verrassend komen we nu bij een poort die geopend wordt door Nederlanders.

s1620008Ze wonen hier voor een groot deel van het jaar en exploiteren ook een camping onder SVR vlag. We hebben het uiteindelijk druk om allerlei zaken aan elkaar uit te wisselen. Een leuke, gezellige familie. We staan in een kleine boomgaard met een leuk verbouwd huis, midden in het bos, het is hier oorverdovend stil. We zijn ook de enige bezoekers en af en toe komt er een hertje wat te eten en te drinken halen. De vrouw des huizes geeft wat fruit van de bomen als traktatie. Het zwembad wordt net schoongemaakt omdat het seizoen eigenlijk net is afgelopen. Het is al weer 2 september. Bedankt voor het verblijf en veel succes met de prachtige plannen, een goede toekomst.

s1620009O ja, de Elstar appeltjes waren erg lekker. Morgen rijden we richting Hortobádgy, kijken of we dat eenvoudiger kunnen bereiken.

Overigens weten jullie dat de Puszta ook al beneden Szolnok aanwezig is en niet alleen in het gebied daar ten noorden van in de omgeving Hortobádgy?

Over dat gebied wordt in reisboeken niet zoveel geschreven..

Het is opnieuw een prachtig zonnige morgen als we de camping in Kocsér verlaten. Toch zit er ander weer aan te komen zeggen ze…. Onze rit gaat eerst naar Szolnok, dat blijkt nog ruim 30 km te zijn over niet al te beste en smalle wegen.

s1630012Soms rijdt je over een stuk weg waar je helemaal uit elkaar wordt geschud. Dat er nog wat vast blijft zitten  aan de auto [even afkloppen] is onbegrijpelijk. Dan ineens passeer je een groot bord, met daarop een enorm groot bedrag vermeld, van de Europese Unie. Er is geld ontvangen en ineens wordt er een wegvak opgeknapt, geasfalteerd en lijkt het of je op een snelweg rijdt. Dat is soms net zo snel weer over als dat het begonnen is. Veelal geldt hoe cijfers een wegnummer heeft hoe minder de kwaliteit, breedte en zo veel te meer hobbels, gaten, sporen enz je tegenkomt.

Vanuit Scolnok rijden we via de beruchte [4] naar Püspökldány om daar af te buigen via een binnendoor weg naar Hortobádgy. Waarom berucht? Het is de doorgaande weg van Boedapest naar Roemenië. De weg is druk en iedereen heeft haast. Inhalen met tien auto’s tegelijkertijd, waarvan de voorste alleen maar kan zien of er een tegenligger aankomt. Alle anderen schieten er dan tussen. Als dat niet kan is het … boem. Dat dit veel gebeurd blijkt uit de zeer vele kruisjes en bloemen die je ziet langs de weg. Ongelofelijk wat een stuntrijders heb je hier.

s1630044In Hortobádgy vinden we een camping in de achtertuin van het hotel Okotera. Er staat nog één camper op het gehele terrein. Het wordt stil met vakantiegangers..

We herkennen in het dorpje nog de bekende brug met negenen bogen over de gelijknamige rivier.

s1630025

Dat is toch wel bijna meer dan dertig jaar geleden dat we hier waren. Nu eens kijken wat er hier op de Puszta te vinden is. Dus eerst naar het toeristenbureau. Niet zo slim, want nu hebben we geen brood meer …. De CO-OP gaan hier om twee uur ’s middags dicht. En er is er echt maar één ABC ‘tje in het dorp. We krijgen bij het toeristenbureau veel informatie en maken een keuze voor de volgende dagen. Wordt vervolgt dus.

Wat lezen we op dit moment over dit deel van Hongarije? Het Hortobágy Nationale Park is het grootste nationale park van Hongarije. Het maakt onderdeel uit van de beroemde Puszta. Hortobágy is het ruige herdersland en de bakermat van de goulash. Een uniek gebied. Maar let op, het Pusztagebied is groter dan waar we nu zijn.

s1640136Het gebied laat alles van het Hongaarse leven zien: luchtspiegelingen, de eindeloze steppes van de poesta, kuddes paarden en schapen en onverbeterlijke romantiek. Dit uitgestrekte nationale park is prima te bereiken vanuit het Tiszameer, maar ook vanuit de regio Eger – Tokaj. Het staat sinds 1999 op de werelderfgoedlijst van de UNESCO. Hortobágy is de grootste poesta van centraal Europa.
Het is een open gebied, maar het landschap is niet uniform. Het wordt door waterstromen in moerassen, vlakke en droge gebieden en bermen verdeeld. Zo ligt aan de oostkant van het park het Tiszameer, gevoed door de rivier de Tisza. De kleine hoogteverschillen, de verschillende grondsoorten en de wind zorgen voor een rijke flora. Zelfs het meest kenmerkende van Hortobágy, de eindeloze zee van gras, is niet overal gelijk. Op de droge delen groeien grassen en de paarse aster. In de dieptes, de zogenaamde zoutpannen, groeit bijna niets.

Het Pusztagras is een thuishaven voor een onmetelijke hoeveelheid sprinkhanen. Veilig is die haven allerminst, want ook de zwaluwen dartelen graag rond boven de vlakten. Roofvogels in dit gebied zijn de buizerd en de zeearend. De steppe-arend komt vaak buurten vanuit de steppes uit het oosten. Net als de steenarend, al komt die dan vanuit de heuvels van de Alföld.
Tegenwoordig is de puszta weer een belangrijke migratiezone voor vogels, zoals de kraanvogel. Het is ook een broedplaats voor veel vogels, waaronder de ooievaar. In bijna elk pusztadorp wonen meerdere ooievaarsfamilies.

De vroegere overstromingen van de Tisza zorgden voor rijke graslanden. Dit maakte het leven van de herders tot een nomadenbestaan. Vanaf de 16e en de 17e eeuw werd het Hongaarse grijze vee, de Marha met hun grote hoorns, richting het westen gedreven en ontstonden vele herbergen, bruggen en dorpjes. Nu is dat slechts een herinnering, maar Hortobágy is het centrum van het grijze vee, het racka schaap, het nonius paard en de kuvasz honden.

De csikós zijn de cowboys van de puszta. De vrijgevochten herders leven al eeuwen in het Hortobágy. Nog steeds trekken ze rond met hun kuddes schapen en paarden. Tegenwoordig geven ze ook paardenshows. Een unieke belevenis als u ze staand op de paardenrug dansen.
Het park is in 1972 opgericht en heeft in 1973 de status van Nationaal Park gekregen. Het was daarmee het eerste nationale park van Hongarije.En dat is best bijzonder want er is heel wat gevochten in en om dit gebied. De Mongolen liepen Hongarije onder de voet begin 13e eeuw. Ze verwoesten daarbij alle 52 dorpjes en branden alle bossen en landerijen af. De Turken deden hetzelfde in de 17e eeuw met grote ontvolking als resultaat.

De puszta herstelde zich echter dankzij de overstromingen van de Tisza. Nu komen de Hongaarse herders, de Csikós, in beeld. Zij brachten zomer en winter door op de poesta in hun ossenwagen of een rieten hutje.

s1640272

Na de kanalisatie van de Tisza rond 1840 droogde de Grote Hongaarse Laagvlakte uit. s1640284Gelukkig wordt het gebied nu via irrigatie weer vruchtbaar gemaakt. Er is goed grasland, visvijvers die 17.000 ton vis per jaar opleveren en er wordt zelfs rijst verbouwd.
Hortobágy is dus lang een onvruchtbare dorre steppe geweest. Mede dankzij de toeristen, die Hongarije identificeren met de puszta, werd haar verdwijning een halt toegeroepen. De nomadische koeienherders, de gulyás, hoeden er hun langhoornige Marha weer, de juhász hun schapen met gedraaide hoorns. Ook de halfwilde paarden racen nog over de poesta. In Máta zijn paardenstallen en kunnen de paarden worden bewonderd en zien hoe ze gedresseerd worden.

Bovenstaand zijn teksten die je ook kan lezen in de toeristische boekjes en op websites anno 2016

In de Oostblok-periode tot circa 1989 werden er ook informatieboekjes uitgegeven. De teksten die daarin staan, vertellen je soms een net iets ander verhaal. Deze verhalen komen meer overeen met de ervaring van ons zelf rond 1980, met hoe we het toen hebben gezien en beleefd. Dat is begrijpelijk, want tijden veranderen snel, dus ook de verhalen. Het is dus, zoals bij alle verhalen, je moet je breed laten informeren, je zelf een beeld te vormen, niet te snel oordelen en je ogen en oren goed de kost geven. En zelfs dan is ook mijn verhaal gekleurd en afhankelijk van de ervaringen van dat moment.

Ter illustratie twee teksten geschreven over de puszta en Hortobadgy midden tachtiger jaren:

Op de puszta is veel veranderd, ook op het beroemdste deel bij Hortobadgy. Wie geen al te hoge verwachtingen heeft, zal niet bedrogen uitkomen. Het hoge woord moet er uit: de romantiek van de herder en zijn kudde, het harde leven en stoere kerels en snelle paarden, de extase van dans en muziek, – is voorbij. De sfeer is weinig romantisch meer. Door irrigatiewerken, dijken en grote staatsboerderijen en de verslechtering van de kwaliteit van de grond lijkt het soms meer saai dan uitdagend en liefelijk. Inmiddels is rijst een puszta gewas .

Het toeristische Hortobadgy, in het hoogseizoen dé bestemming van hele konvooien toeristenbussen, blijkt bij nader inzien niet veel meer te zijn dan een geasfalteerde paarkeerplaats met daarbij twee museumpjes gewijd aan het leven op de poesta van toen. s1630039Tientallen ondernemende families die meer dan manshoge torens bouwen van gevlochten rietwerk en houtsnijwerk, proberen dat met luider stem aan de in-, en uitstappende menigte te verkopen.

Wat blijft: De puszta is wijds en vlak, de hemel en aarde worden er langzaam één met luchtspiegelingen op de eindeloze vlakten.

s1630031

De derde variant, “de werkelijkheid” zoals in het voorgaande bericht beschreven kan je hierna lezen..

s1640306Als we vanaf de stenen bogen brug het gebied in kijken, lijkt het één zee van gras en af en toe een groepje bomen aan de horizon. Je kan er niet van boven op naar kijken. Met een drone hier opnamen maken lijkt me wel erg mooi. Er zijn wel veel uitzichttorens om je toch een blik te gunnen tussen het gras en riet. Afhankelijk van van de periode in het jaar zie je verschillende vogels. Het is vandaag nog er rustig.

s1630026

Als we terug lopen van de brug naar het dorp zie je nu nog alleen de verkopers van rieten manden, hoeden, kleding, poppen en zwepen. Die worden ter plaatse nog gemaakt, gevlochten van leer, met mooie handvatten. De klappen van de zweep kan je hier vaak genoeg horen…

Er zijn vier musea in het dorp. We besluiten om het te houden op een praktische kennismaking en bezoeken Máta Ménes.

Hier kan je kennis maken met de paardenfokkerij en de traditionele wijze waarop weide-dieren worden gehouden. Het leuke is ook dat we een rondrit krijgen met de huikar om zo langs de verschillende vestigingen te rijden. Eerst komen we bij de stallen met Raczkas schapen. Houten stallen met rieten daken die reiken tot de grond. s1640048De stallen vallen nauwelijks op in het landschap. De schapen hebben fraai gedraaide horens.
s1640077We hobbelen dan naar de paarden kudde. We krijgen ter plaatse een demonstratie van de dressuurkunsten van de berijders, de Csikós, op de paarden. De klappen van de zweep, de klikken zijn om de dieren te roepen, maar ook om ze te beschermen.

s1640101In een oogwenk leggen ze hun paard op de grond of neemt het paard de zithouding aan en staan de Csikós er bovenop om met de zweep dat speciale klikkende geluid te produceren.

Met meerdere berijders doen ze dat volledig synchroon.

Wat denk je van deze waterbuffels, zomaar ineens kan je ze tegenkomen in de Puszta.

s1640076Daarna rijden we heerlijk in onze huifkar vanaf de kudde waterbuffels naar de naar de de volgende stal met mangalica varkens en grijze runderen, de Gray Cattle, zoals ze deze runderen in goed Hongaars noemen.

De oorsprong van deze besten ligt in het Karpatisch bassin. Ze zijn ontstaan vanuit de oerossen. In de 14e eeuw kwamen ze al voor in het Hongaarse gebied rondom Hortobádgy.

In de middeleeuwen zijn veel van deze beesten aangeboden op de vleesmarkten van grote Europese steden vanwege de uitstekende voedsel kwaliteit en smaak. We kregen uitgebreide informatie over alle gebruiken, de dieren en alles wat er mee te maken heeft door een gids die heerlijk spraakzaam was en heel goed Engels sprak. Overigens bijzonder, want meestal heeft Duits de voorkeur buiten het Hongaars

De varkens worden vooral gekweekt vanwege het zeer hoge vetgehalte en de bijzondere smaak en de kwaliteit van de ham … De pers wordt gebruikt voor het maken van handschoenen. Die hebben we helaas nergens kunnen vinden.

Op de terugweg rijden we ok nog even langs de stal met de ossen en de ossenkar bespannen met vier ossen. Alles dieren die we vandaag gezien leven in één open vlakte, met slechts zelden een afrastering, zoals bij de varkens. Wel zijn er hoeders bij om ze te bewaken.

Na anderhalf uur zijn we weer bij de stallen van de fokkerij en dressuurpaarden aangekomen.

s1640221Als laatste kunnen we genieten van een show met het vijfspan. De Csikós staand bovenop de achterste twee paarden en drie paarden er voor. Als een koning in zijn rijtuig rijdt de menner trots zijn ronden, steeds sneller met grote stofwolken. Prachtig om te zien.

s1640232Een mooier optreden, met mooie verhalen kan je niet wensen om een totaal overzicht te krijgen van het leven op de Puszta. Is het toeristisch? Ja, maar niet overheersend in de periode dat wij er zijn. Toen we ons aanmelden waren we nummer drie en vier en er moeten zes deelnemers zijn anders gaat de tocht niet door. Gelukkig kwamen er nog een paar bij, anders was het mooi pech!

In de middag fietsen we over de Puszta. Het is warm, de zon schijnt uitbundig. De bodem en horizon wordt één met de lucht. Luchtspiegelingen!. Tja het is maar hoe je het [wil] zien. We fietsen naar een gebied waar veel visvijvers te vinden zijn. Veel vis en dus ook veel vogels. Voor de vogelaars een prachtig gebied.

s1640287Voor de ontginning van dit gebied is een smalspoor baan aangelegd wat nu voor de toeristen rijdt. Heen en terug en ongeveer vijf kilometer lang. We zien de trein niet. Het is redelijk stil en al wat aan de late kant. Wij fietsen dus gewoon een rondje en gaan dan weer dwars door de Puszta terug naar de camping.

Morgen gaan we weer een plaatsje verder naar Tiszafülda. Er wordt regen opgegeven, dat is hard nodig in deze stoffige wereld en voor ons mooi de gelegenheid een stukje te rijden.